de speen

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [spen]
Verbuigingen:  spenen (meerv.)

1) elk van de uitsteeksels op de borst van een zoogdier waar bij de vrouwtjes melk uit kan komen anatomie
Voorbeeld:  `een ontstoken speen`

2) zacht voorwerp met een gaatje in de vorm van een tepel van een vrouwenborst
Voorbeelden:  `een flesje melk met een speen voor de baby`,
`fopspeen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
fopspeen

11 definities op Encyclo
  1. naam van de rechtopstaande spijlen die de beting vormen [ook: monnik, speun].
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (spenen), uijer; tepel; spenen, aambeijen. ~ADER, v. (-s), [in de ontleedkunde] ) aarsader. ~DISTEL, m. (-s), [zeker, zekere] gewas....
  3. Tepel, zie mamilla (z.o. slotgat)..
  4. tepel van een zoogdier vb: het varken drinkt uit de speen van zijn moeder dop met een gaatje erin, op een zuigfles vb: de baby kreeg geen melk want de speen zat verstopt ...
  5. [Belgisch Nederlands] aambeien
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met speen:
speenkruidspeenvarkenspeenvarkens

Deze woorden eindigen op speen:
fopspeenverspeen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
speen (tepel; gummidop)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `speen`.