sluimeren

werkw.
Uitspraak:  ['slœymərə(n)]
Vervoegingen:  sluimerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gesluimerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) niet diep of onvast slapen
Voorbeeld:  `'s avonds in de zetel voor de televisie sluimeren`

2) aanwezig zijn zonder dat je het weet of ziet
Voorbeeld:  `een ziekte die sluimert zonder zichtbare symptomen`
Synoniem:  schuilen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
doezelen dommelen dutten sluimer sluimering smeulen soezen verborgen aanwezig zijn

3 definities op Encyclo
  1. licht slapen vb: ik lag te sluimeren, toen de wekker afging aanwezig zijn, zonder dat het direct te zien is vb: er sluimert een groot talent in hem
  2. 1) Doezelen 2) Dommelen 3) Druilen 4) Dutten 5) Half slapen 6) Indutten 7) Licht slapen 8) Loeren 9) Luimen 10) Niet waakzaam zijn 11) Pitten 12) Slapen 13) Slommeren 14)...
  3. dutten Jaar van herkomst: 1450 (MNW )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
sluimeren (licht slapen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `sluimeren`.