het schuim

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [sxœym]

1) met lucht of gas gevulde blaasjes aan elkaar op het oppervlak van een vloeistof
Voorbeelden:  `Er zit geen schuim meer op mijn bier.`,
`een bad met veel schuim`
Het schuim staat iemand op de mond.  (<je zegt dit als iemand woedend is>)

2) licht materiaal dat veel lucht bevat
Voorbeelden:  `piepschuim`,
`purschuim`

3) onbeschofte mensen
Synoniemen:  schorem, tuig

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bruis gepeupel kookschuim schuimpje sop

9 definities op Encyclo
  1. massa met veel lucht erin, vooral aan de bovenkant van een vloeistof vb: op een glas bier hoort een laagje schuim het schuim stond hem op de lippen [hij was heel erg kwaa...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. [bijvoorbeeld] en o.) [geen meervoud] bobbels door werking van eenig vocht [bijvoorbeeld] zeepwater enz.) op de oppervlakte vereenig...
  3. Verschijnsel waarbij lucht in de olie geslagen is, waarbij de luchtbellen moeilijk knappen aan het oppervlak. Schuim is ongewenst, omdat lucht de smerende eigenschappen o...
  4. 1) Bezinksel 2) Blusmiddel bij brand 3) Bovendrijvende blaasjes 4) Bovendrijvende blaasjes op een vloeistof 5) Brandblusmiddel 6) Broes 7) Bruis 8) Bubbels 9) Crème 10) ...
  5. Def.: gesuspendeerd materiaal op het oppervlak van een sedimentatie of brandbestrijding reservoir. Toelichting: Schuim heeft een groot percentage vet.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met schuim:
schuim afschuimbekschuimbekkenschuimbektschuimbekteschuimbektenschuimdeschuimdenschuimenschuimerschuimfeestschuimkraagschuimlepelschuimlepelsschuimpartyschuimpjeschuimrubberschuimspaanschuimspanenschuimt
Toon alle woorden die beginnen met schuim

Deze woorden eindigen op schuim:
scheerschuimbadschuimpiepschuimkwantumschuimpurschuimmeerschuimzeeschuim
Toon alle woorden die eindigen op schuim

Herkomst volgens etymologiebank.nl
schuim (blaasjes op een vloeistof)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `schuim` kennen.