de routine

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [ruˈtinə]

1) handigheid die je door ervaring hebt gekregen
Voorbeeld:  `iets doen op routine`

2) iets dat steeds opnieuw gebeurt
Voorbeeld:  `routineonderzoek`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
ervaring praktijk

8 definities op Encyclo
  1. vaardigheid die je hebt opgedaan, waardoor het bijna vanzelf gaat vb: hij heeft veel routine in het pellen van garnalen
  2. [Nederlands] De handigheid waarmee je iets doet
  3. Let op: Spelling van 1858 Fr., ervarenheid, vaardigheid in iets, door langdurige of aanhoudende oefening of behandeling verkregen; sleur, slender. Routineren (zich), zich...
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. [geen meervoud] vaardigheid; vlugheid; sleur, slenter; hij heeft er de - van, door gedurige oefening is hij er vlug in. *...NEREN (...
  5. •een reeks handelingen die vaak zonder nadenken worden verricht. (+audio)
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met routine:
routinematigroutinesroutineus

Deze woorden eindigen op routine:
subroutine

Herkomst volgens etymologiebank.nl
routine (geoefendheid, sleur)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `routine`.