richten

werkw.
Uitspraak:  [ˈrɪxtə(n)]
Vervoegingen:  richtte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gericht (volt.deelw.)

doelbewust een bepaalde richting geven aan
Voorbeelden:  `je aandacht richten op het beeldscherm`,
`een wapen op iemand richten`
het woord tot iemand richten  (iemand aanspreken)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aanleggen aanschrijven in een bep. richting plaatsen leiden lijnen mikken uitbalanceren uitlijnen

6 definities op Encyclo
  • het naar een bepaalde kant sturen vb: hij richtte met zijn geweer op de benen van de inbreker Synoniem: mikken je naar hem toe keren vb: ik richtte mij tot de directeur h...
  • recht overeind zetten
  • rechtmaken, in een bepaalde richting laten gaan Jaar van herkomst: 1100 (Willeram )
  • Woord uit de oude stadsrekeningen van Doesburg; (in rechte) toewijzen
  • • [ov] op een bepaald doel afstemmen. • [refl] "zich ~ op": een bepaald doel nastreven
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met richten:
    richten tot

    Deze woorden eindigen op richten:
    aanrichtenafrichtenberichtenbeursberichtengelijkrichtengewrichtenherinrichtenheroprichteninrichtenmarktberichtennieuwsberichtenonderrichtenontwrichtenoprichtenopsporingsberichtenpersberichtentegenberichtentelexberichtenuitrichtenverrichten

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    richten (mikken, bepalen)