de retailer
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | [ri'telər] |
| Afbreekpatroon: | re·tai·ler |
| Verbuigingen: | retailers (meerv.) |
bedrijf waar je dingen kuunt kopen | Voorbeeld: | `het toenemende succes van online retailers` | |
| Antoniem: | groothandel |
| Synoniemen: | detailhandelaar, winkel |
3 definities op Encyclo
- 1) Detailhandelaar 2) Wederverkoper 3) Kleinhandelaar 4) Winkelbedrijf
- iemand die voor zijn beroep goederen of diensten verkoopt aan de consument een retailer die uitsluitend via het internet zijn waren verkoopt een retailer die werkt in een echte winkel, niet in cyberspace bedrijf dat goederen of diensten verkoopt aan de consument
- In de reiswereld een (weder)verkoper van reizen van een reisorganisatie aan een consument
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de retailer' of 'het retailer'?
Het is 'de retailer', want retailer is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die retailer'.
Wat is het meervoud van retailer?
Het meervoud van retailer is 'retailers'. Eén retailer, twee retailers.
Wat betekent retailer?
'bedrijf waar je dingen kuunt kopen'
Hoe spel je retailer?
retailer spel je R E T A I L E R Op andere websites
Zoek retailer in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek retailer op
Google
Zoek retailer op
Woordenlijst.org
Zoek retailer in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek retailer op
Wikipedia