racen

werkw.
Uitspraak:  [ˈresə(n)]
Vervoegingen:  racete (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geracet (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) deelnemen aan een snelheidswedstrijd
Voorbeeld:  `Hij racet al sinds zijn 17e.`

2) heel snel iets doen
Voorbeeld:  `We moesten racen om de trein te halen.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
hollen jakkeren motorracen pezen razen rennen scheuren

3 definities op Encyclo
  1. heel snel lopen, rijden of varen vb: bij racete met zijn sportwagen door de straatjes
  2. • [inerg] aan een snelheidswedstrijd deelnemen. • [inerg] haasten.
  3. 1) Aan een snelheidswedstrijd meedoen 2) Crossen 3) Hard hollen 4) Hard lopen 5) Hard rijden 6) Hardlopen 7) Hardrijden 8) Hollen 9) Ijlen 10) Jakkeren 11) Koersen 12) Mo...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op racen:
autoracendragracenfleetracenijsracenmatchracenstockcarracenstreetracentracen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
racen

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `racen` kennen.