de purist

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [py'rɪst]
Verbuigingen:  purist|en (meerv.)

de purist|e

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [py'rɪst|ə]
Verbuigingen:  puriste|n, puriste|s (meerv.)

1) iemand die pleit voor het tegengaan van anderstalige invloeden in de eigen taal
Voorbeeld:  `Ik heb in de zakenwereld nog nooit een purist ontmoet.`
Synoniem:  taalzuiveraar

2) iemand die streeft naar het behoud van de oorspronkelijke vorm van iets
Voorbeeld:  `De echte puristen zweren bij de ouderwetse vinylsound.`

© Kernerman Dictionaries.

4 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-en), overdreven taalzuiveraar.
  2. iemand die iets in zijn meest pure vorm wil houden
  3. 1) Taalhervormer 2) Taalhervormer (iron.) 3) Taalhervormer (ironisch) 4) Taalvitter 5) Taalzuiveraar 6) Voorstander van goed taalgebruik 7) Woordenvitter 8) Woordenzifter...
  4. taalzuiveraar Jaar van herkomst: 1731 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met purist:
puristisch

Herkomst volgens etymologiebank.nl
purist (taalzuiveraar)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 95% van de Nederlanders en 95% van de Vlamingen het woord `purist`.