poef

zelfst.naamw.
Verbuigingen:  poefs
Verbuigingen:  poefje

1) een hard dof geluid dat zou passen bij een vuurwapen
Voorbeelden:  `- Pief paf poef. jij bent de boef.`,
`- Ik ben net een jaar mail kwijtgeraakt. 2014: poef! Iets met mappen schuiven en de e-prullenbak te vroeg legen. Verschrikkelijk. Eigen schuld, natuurlijk. En meteen ook de gedachte: had ik dit allemaal maar op papier. Dan was het tastbaar, een voor werp. `

2) een hoog kussen waarop je kunt zitten
Voorbeelden:  `- Er was geen feest, maar toen ik aan het begin van de middag thuiskwam was ze toch gekomen. Ze was de enige niet. Waar eerst een poef stond lagen er nu drie kinderen op het speelkleed. De dochter stond graag alleen in het middelpunt en deed er alles aan om de leeftijdgenootjes weg te pesten door met haar vinger in een oogje te prikken en speentjes uit mondjes te trekken. Alle gedragingen werden nauwlettend geobserveerd en becommentarieerd vanachter de keukentafel, waar ze met elkaar bezoek zaten te zijn. `,
`Sy sprongh mijn strack op mijn Schoodt,<br />Hondtje sey sij laadt ons hupsen,(…)`

3) krediet, op de pof kopen


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
kruk krukje pianokrukje taboeret

3 definities op Encyclo
  • groot rond kussen om op te zitten vb: hij zat op de poef bij de open haard
  • Een poef is een hoog kussen dat gebruikt kan worden om op te zitten, of als voetensteun. De naam komt uit het Frans (un pouf) en is een onomatopee (klanknabootsing). Dez...
  • 1) Dof geluid 2) Fluwelen kruk 3) Gezellig krukje 4) Huisraad 5) Klanknabootsing 6) Kruk 7) Krukje 8) Meubel 9) Meubelstuk 10) Pianokrukje 11) Rond zitkussen 12) Ronde ba...
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    1. poef (plotselinge, doffe slag)
    2. poef (zitkussen)