pleuren

werkw.
Afbreekpatroon:  'pleu - ren
Vervoegingen:  pleurde (verl.tijd )
Vervoegingen:  heeft gepleurd (volt.deelw.)

smijten;
mieteren;
gooien (oorspr. Amsterdams)
Taal
Voorbeeld:  `Ze wil haar vriend uit huis pleuren.`
Synoniem:  donderen


4 definities op Encyclo
  • Amsterdams woord voor ergens mee gooien
  • 1) Leggen 2) Smijten 3) Zetten
  • met kracht gooien; smijten Steeds met een voorzetselbepaling.
  • smijten Jaar van herkomst: 1961 (GVD )
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op pleuren:
    oppleuren

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    pleuren (smijten)