• wie voor een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje (=je kunt nooit boven de stand komen waarin je geboren bent. Arm geboren, zal wel arm blijven) • wat hansje niet leert zal hans nooit weten (=je moet het eerst leren om het later te kunnen) • vrouwenhanden en paardentanden staan nooit stil. (=een vrouw is altijd wel wat aan het doen) • nooit troef verzaken (=overal bij zijn, altijd meedoen) • kinderen die zwijgen zullen ook nooit wat krijgen (=aanvulling op `Kinderen die vragen worden overgeslagen.`) Toon alle 18 spreekwoorden die nooi bevatten