de monteur

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [mɔnˈtør]
Verbuigingen:  monteur|s (meerv.)

beroep van iemand die dingen in elkaar zet of repareert
Voorbeeld:  `automonteur`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bestuurder machinist reparateur werktuigkundige

Taaladvies
  1. Is technieker een correct woord? Zie Technieker / technicus / monteur
  2. Is mekaniekereen correct woord voor iemand die machines, apparaten, voertuigen en dergelijke in elkaar zet en herstelt? Zie mekanieker / mecanicien / monteur
  3. Wat is de juiste spelling: chef-monteur of chef monteur? Zie Chef-monteur / chef monteur


6 definities op Encyclo
  • •mecanicien; technieker; mekanieker; installateur.
  • wie apparaten in elkaar zet en repareert vb: de machine doet het niet, er moet een monteur komen
  • 1) Autoreparateur 2) Beroep 3) Bestuurder 4) Garageknecht 5) Garagewerker 6) Hersteller 7) Hulp in een garage 8) Iemand die machine in elkaar zet 9) Iemand die monteert 1...
  • Iemand die dingen in elkaar zet en of repareert.
  • iemand die voor zijn beroep machines, voertuigen of installaties en de onderdelen daarvan maakt, repareert, installeert, monteert of onderhoudt
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met monteur:
    monteurs

    Deze woorden eindigen op monteur:
    automonteurelektromonteur

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    monteur (vakman die machines herstelt)