• wie zijn gat brandt, moet op de blaren zitten (=wie een risico neemt, moet de gevolgen dragen) • wie zijn billen brandt, moet op de blaren zitten (=als je iets doms doet, moet je de gevolgen dragen (liefst zonder klagen)) • larie en apekool (=totale onzin) • klare wijn schenken (=eerlijk en duidelijk vertellen hoe de situatie in elkaar steekt) • de aardappelen komen niet voor de eikenblaren (=boerenregel. De aardappelplant begint te groeien als de eik in het blad komt) Toon alle 6 spreekwoorden die lar bevatten