kokhalzen

werkw.
Uitspraak:  [ˈkɔkhɑlzə(n)]
Vervoegingen:  kokhalsde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gekokhalsd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

bijna moeten braken
Voorbeeld:  `Hij kokhalsde bij het zien van zo veel bloed.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
boeren

5 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: ow. [gelijkvloeiend] (ik kokhalsde, heb gekokhalsd), zijnen hals uit- of opzetten.
  2. met je keel een beweging maken alsof je moet braken vb: ik moest kokhalzen van die stank
  3. Droog braken.
  4. 1) Boeren 2) Dreigen te braken 3) Kaken 4) Neiging tot braken bij ruiken van grote vuiligheid 5) Op het punt staan om over te geven 6) Walgen
  5. op het punt staan te braken Jaar van herkomst: 1802 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kokhalzen (op het punt staan te braken)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `kokhalzen`.