het kleinakkoord

zelfst.naamw.
Uitspraak:  se'klɛɪn
Verbuigingen:  kleinakkoorden
Verbuigingen:  kleinakkoordje

een drie- of meerklank met minimaal: “een begintoon (prime), een kleine terts en een reine kwint”
Voorbeeld:  `Een toonladder met zowel groot- als kleinakkoorden.`


Bron: WikiWoordenboek.

Deze woorden eindigen op kleinakkoord:
fes-kleinakkoordges-kleinakkoordces-kleinakkoorddes-kleinakkoordes-kleinakkoordfisis-kleinakkoordgisis-kleinakkoordcisis-kleinakkoordeïs-kleinakkoordcis-kleinakkoordfis-kleinakkoordgis-kleinakkoorddis-kleinakkoordbeses-kleinakkoordbis-kleinakkoordbes-kleinakkoordas-kleinakkoordaïs-kleinakkoordg-kleinakkoordf-kleinakkoord