kapotslaan

werkw.
Verbuigingen:  sloeg kapot
Verbuigingen:  kapotgeslagen

1) iets beschadigen door het met geweld te raken
Voorbeeld:  `Hij zag de kwajongens het bushokje kapotslaan.`

2) iemand door lijfelijk geweld met ernstig letsel buiten gevecht stellen
Voorbeeld:  `Als je me aanraakt komt mijn vader je helemaal kapotslaan.`

3) gebroken raken
Voorbeeld:  `Het bootje is door de zware branding kapotgeslagen.`


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
afbreken inslaan stukslaan verbrijzelen

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Afbreken 2) Inslaan 3) Stukmaken 4) Stukslaan 5) Verbrijzelen 6) Vernielen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 91% van de Nederlanders en 88% van de Vlamingen het woord `kapotslaan`.