de kanunnik

zelfst.naamw. (m.)
Verbuigingen:  kanunniken

een titel die aan bepaalde geestelijken wordt verleend binnen enkele christelijke kerkgemeenschappen.
Voorbeeld:  `Hij was kanunnik van het kathedrale kapittel.`


Bron: WikiWoordenboek.

6 definities op Encyclo
  1. Lid van het kapittel of bestuurscollege van een kathedraal of klooster. Eretitel van geestelijke.
  2. seculier r.-k. geestelijke die deel uitmaakt van het kapittel van een kathedrale kerk.
  3. Priesterlid van kathedraal kapittel met soms bepaalde voorrechten, zoals vaste plaats in de kanunnikenbanken, het dragen van paars, enz. Zie ook: proost, proosdij.
  4. 1) Beroep 2) Domheer 3) Geestelijke 4) Kapittelheer 5) Katholiek geestelijke 6) Koorheer 7) Lid van een kathedraalkapittel 8) Rooms-katholieke geestelijke 9) Wereldlijk g...
  5. Kanunnik is een titel die aan bepaalde geestelijken wordt verleend binnen enkele christelijke kerkgemeenschappen. Onderscheiden worden == Spelling == ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kanunnik:
kanunnikaatkanunnikenkanunniksdij

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kanunnik (kapittelheer)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 60% van de Nederlanders en 82% van de Vlamingen het woord `kanunnik`.