duiken

werkw.
Uitspraak:  [ˈdœykə(n)]
Vervoegingen:  dook (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft, is gedoken (volt.deelw.)

1) van iets hogers met je hoofd naar voren in het water springen
Voorbeeld:  `Ze duikt van de duikplank het water in.`

2) je in diep water begeven en daar langdurig blijven
Voorbeelden:  `duiken naar een gezonken scheepswrak`,
`duikcursus`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
in het water duiken vooroverduiken

Spreekwoorden en zegswijzen
• in zijn kraag duiken (=de kraag hoog opzetten tegen de koude)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je duiken krachtiger uitdrukken?
diep duiken in;

4 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: ow. [ongelijkvloeiend] (ik dook, heb of ben gedoken), dompelen, zich voorover bukken; [iemand] -, met het hoofd tegen de borst van den ...
  2. een sprong schuin naar voren en voorover maken vb: hij dook in het water in een boek duiken [je er helemaal in verdiepen]
  3. 1) Een duik nemen 2) In het water plonzen 3) Onder water zwemmen 4) Onderwatersport 5) Sport 6) Tak van sport 7) Term bij kegelspel 8) Term uit het kegelspel 9) Waterspor...
  4. bukken - Jaar van herkomst: 1301-1400 (MNW ) onder water gaan - Jaar van herkomst: 1287 (CG NatBl )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met duiken:
duiken in

Deze woorden eindigen op duiken:
diepzeeduikeninduikenonderduikenontduikenopduikenparelduikenvrijduikennaduikenineenduiken

Herkomst volgens etymologiebank.nl
duiken (snel onder water gaan; bukken)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `duiken` kennen.