de hoogheid

zelfst.naamw. (v.)
Verbuigingen:  hoogheden

1) aanzien, grootheid, majesteit

2) iemand die een zeer hoge adellijke rang bekleedt
Voorbeeld:  `Nadat zijne hoogheid gearriveerd was kon de plechtigheid beginnen.`


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
aanzien edel eerwaarde eminentie grootheid majesteit verheffing verhevenheid

Spreekwoorden en zegswijzen
• heden in hoogheid verheven morgen onder de aarde (=vandaag nog heel belangrijk, maar morgen misschien al dood)
Naar de spreekwoorden

4 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 de titel van alle koninklijke prinsen en prinsessen, en in Turkije van den Grootvizier en somwijlen ook van den Sultan. Afstammelingen van een k...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (...heden), eeretitel van vorsten, kardinalen, enz.), Z.K.H. (Zijne Koninklijke -); (ook) doorluchtigheid, edelheid; er straalde een...
  3. 1) Aanspreektitel 2) Aanspreektitel van een vorst 3) Aanzien 4) Altesse 5) Edel 6) Eminentie 7) Groothartigheid 8) Grootheid 9) Heerlijkheid 10) Hoge titel 11) Koninklijk...
  4. De titel van Hoogheid wordt gebruikt voor lagere vorsten maar ook voor de koningin van Schotland. In het strenge protocol van de 18e eeuw lieten steeds meer koningen zic...
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `hoogheid`.