• er een hele kluif aan hebben (=er een heel probleem aan hebben) • een schurftig schaap steekt de hele kudde aan (=een slechte persoon in een groep, maakt de hele groep slecht) • een hele Piet (=iemand die meetelt) • een hele jan zijn (=een grote vent zijn) • dat is het hele eieren eten (=zo zit de zaak in elkaar.) Toon alle 8 spreekwoorden die hele bevatten