hallucineren

werkw.
Uitspraak:  [hɑlysi'nerə(n)]
Vervoegingen:  hallucineerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gehallucineerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) waarnemen wat er niet is
Voorbeeld:  `medicijnen waar je van gaat hallucineren`

2) doen waarnemen wat er niet is
Voorbeelden:  `Hallucinerende middelen heten ook wel geestverruimende middelen.`,
`hallucinerende muziek`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
trippen

2 definities op Encyclo
  1. begoochelen Jaar van herkomst: 1865 (KVW )
  2. 1) Iets zien of horen wat er niet is 2) Trippen
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
hallucineren (begoochelen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `hallucineren`.