zich haasten

reflexief werkw.
Uitspraak:  [ˈhastə(n)]
Vervoegingen:  haastte zich (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft zich gehaast (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

proberen om iets snel te doen
Voorbeeld:  `Het is al laat, dus ik haast me naar het station.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aanpoten ijlen jachten jagen opjutten opschieten overhaasten spoeden tot spoed aanzetten voortmaken zich spoeden

3 definities op Encyclo
  1. • [refl] trachten om dat wat men te doen heeft snel af te maken. •:"Hij 'haastte' zich naar de deur."
  2. snel doen omdat je weinig tijd hebt vb: zij haastte zich naar de trein Synoniem: reppen
  3. 1) Aanpoten 2) Ijlen 3) Jachten 4) Jagen 5) Jakkeren 6) Opjutten 7) Opschieten 8) Overhaasten 9) Reppen 10) Spoeden 11) Tot spoed aanzetten 12) Vlug gaan 13) Vlug lopen 1...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op haasten:
verhaastenonthaastenoverhaasten

Herkomst volgens etymologiebank.nl
haasten

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `haasten` kennen.