het gros

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [xrɔs]
Verbuigingen:  gros|sen (meerv.)

1) 144 exemplaren, 12 dozijn
Voorbeeld:  `een gros zonnebrillen inkopen bij de groothandel`

2) grootste gedeelte
Voorbeelden:  `Het gros van de mensen gaat naar de supermarkt.`,
`Het gros van de belastingaangiften is binnen.`
Synoniemen:  merendeel, hoofdmoot

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
massa meerderheid merendeel

11 definities op Encyclo
  1. [Nederlands] De meeste
  2. het grootste aantal ervan vb: het gros van de bezoekers was tevreden
  3. Let op: Spelling van 1858 Fr., een Fransch goud- en zilvergewigt, het 64ste deel van een mark; ook het grootste deel van iets, b.v., het gros van het leger, het hoofdgede...
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: en -, in het groot. ~DE-NAPLES, ~DE-TOURS, o. zware zijden stoffen (naar die steden genoemd).
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. twaalf dozijn; een - stalen pennen; [figuurlijk] de menigte, massa, het grootste gedeelte, het - der menschen, het - van het leger. ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met gros:
grosellagroslijstgrosseergrosseerdegrosseerdengrosseertgrossengrosserengrossiergrossierdegrossierdengrossierderijengrossierengrossiersgrossiersprijsgrossiersprijzengrossiertgrosso modo

Herkomst volgens etymologiebank.nl
gros (het grootste deel; twaalf dozijn)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 97% van de Nederlanders en 93% van de Vlamingen het woord `gros`.