gillen

werkw.
Uitspraak:  ['xɪlə(n)]
Vervoegingen:  gilde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gegild (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) met harde en hoge stem geluid maken
Voorbeeld:  `Toen er een muis door de klas liep, begon iedereen te gillen.`
Synoniemen:  krijsen, joelen, schreeuwen,
gillende keukenmeid  (vuurwerk dat een hard fluitend geluid maakt)

2)
om iets zitten te gillen  (hard nodig hebben) `Die zaak zit te gillen om personeel.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
brullen janken kreten krijsen roepen schreeuwen

Intensiveringen
Hoe kun je met gillen een ander begrip versterken?
gillend gek
Hoe kun je gillen krachtiger uitdrukken?
de longen uit je lijf gillen; gillen/krijsen/tekeergaan als een (mager) speenvarken; schreeuwen/gillen/krijsen alsof je levend gevild wordt;

6 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: ow. [gelijkvloeiend] (ik gilde, heb gegild), een gil geven, hard schreeuwen; schuin afsnijden (bij scheepstimmerlieden). *...LER, m. (...
  2. schreeuwen met een hoog en hard geluid vb: hij gilde van de pijn bij die stomp op zijn neus geef maar een gil als ik moet komen [als je het zegt dan kom ik]
  3. •een harde schelle ongearticuleerde uitroep slaken.
  4. 1) Blèren 2) Brullen 3) Geluid van varken 4) Geluid van zangvogel 5) Gieren 6) Hard roepen 7) Hard schreeuwen 8) In schuine richting afsnijden 9) Janken 10) Kreten 11) K...
  5. schel schreeuwen Jaar van herkomst: 1588 (Claes )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. gillen (schel schreeuwen)
  2. gillen (schuin afsnijden)


Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `gillen` kennen.