de gevel

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  xevəl]
Verbuigingen:  gevel|s (meerv.)

buitenmuur van een gebouw, speciaal aan de voorkant
Voorbeelden:  `een bord met het logo van het bedrijf aan de gevel ophangen`,
`achtergevel`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
façade front pui voorgevel voorkant voormuur voorzijde

11 definities op Encyclo
  1. voorkant van een gebouw vb: aan de gevel hing een naambord
  2. •buitenmuur van een gebouw, in het bijzonder die aan de voorkant.
  3. gedeelte van het gebouw dat van buitenaf zichtbaar is
  4. De gevel is de buitenmuur van een gebouw, het van buitenaf zichtbare deel van de muur. Onder `gevel` wordt meestal de `voorgevel` verstaan. Net als vloeren en daken zijn ...
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), (voor- of achter-) muur van een gebouw, spits van een voormuur; [figuurlijk] titelplaat (van een boek); [figuurlijk] neus; voo...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met gevel:
gevelankergeveldgevellijstgevelsgeveltoerismegeveltoeristengeveltrap

Deze woorden eindigen op gevel:
achtergevelwestgevelnoordwestgevelzuidoostgevelzuidwestgevelnoordoostgeveloostgevelzuidgevelnoordgevelvliesgevelvijfde gevelvoorgeveltrapgevel

Herkomst volgens etymologiebank.nl
gevel (buitenmuur, voorzijde van een gebouw)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `gevel`.