engineeren

werkw.
Afbreekpatroon:  en - gi - 'nee - ren
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  engineerde (verl.tijd )
Vervoegingen:  geëngineerd (volt.deelw.)

ontwikkelen, construeren techniek
Voorbeeld:  `het engineeren van nieuwe technologische producten`


Deze woorden eindigen op engineeren:
re-engineeren