• zo zeker als tweemaal twee vier is (=absoluut zeker) • ze niet allemaal (alle vijf) op een rijtje hebben (=niet bij zijn volle verstand zijn. (alle vijf = de zintuigen)) • het is muis als moer, een staart hebben ze allemaal. (=beide opties zijn vervelend) • helemaal van slag zijn (=in de war zijn) • een ezel stoot zich geen tweemaal aan dezelfde steen (=men maakt geen twee keer dezelfde fout) Toon alle 7 spreekwoorden die emaal bevatten