• zijn schip voert te grote zeilen (=te veel geld uit geven) • voor de wind is het goed zeilen (=onder gunstige omstandigheden is het gemakkelijker succes te hebben) • tussen de klippen doorzeilen (=op handige manier alle moeilijkheden vermijden) • met ongebroken lading wegzeilen (=zich zonder gezichtsverlies uit de situatie redden) • met onbevaren volk is het slecht zeilen (=met onervaren mensen is het moeilijk werken) Toon alle 14 spreekwoorden die eilen bevatten
1 definitie op Encyclo
[Vergeten woorden] (zw. -de) aansteken, in brand zetten, verbranden [in eild ‘vuur, brand’, van eel ‘vuur, brand’]