egaal

bijv.naamw.
Uitspraak:  [eˈxal]

1) in één kleur
Voorbeeld:  `niet gestreept maar egaal rood`
Antoniem:  bont
Synoniem:  effen

2) zonder bobbels aan het oppervlak
Voorbeeld:  `een egale cementvloer`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
effen gelijk gelijkmatig geslepen glad plat strak vlak vlakuit

8 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 égal, Fr., gelijk, gelijkmatig, onverschillig, eenerlei. Égaler, gelijken, passen. Egalisatie, gelijkmaking, vereffening. Egaliseren, gelijkma...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] (...aler, -st), gelijk, effen, gelijkmatig; onverschillig, eenerlei, om het even.
  3. gelijkmatig: door verf vol op te zetten, goed te verdelen en gelijkmatig door te strijken of rollen, wordt een egaal eindresultaat verkregen. Voor een egale muur, kijk op...
  4. met een oppervlak zonder bobbels vb: we hebben de tuin egaal gemaakt Synoniemen: glad vlak [3] effen gelijk Tegenstelling: ongelijk
  5. •effen. •gelijkmatig. •onverschillig.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op egaal:
illegaallegaalnachtegaalregaal

Herkomst volgens etymologiebank.nl
egaal (gelijkmatig)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `egaal`.