echec

zelfst.naamw.
Afbreekpatroon:  e - chec

mislukking, miskleun
Voorbeelden:  `EK-echec door ruzie tussen Ajax-kamp en Van Persie-kamp.`,
`Moreel echec rooms-katholieke kerk.`
Synoniemen:  nederlaag, flop, fiasco, sof, ,


Synoniemen
afgang fiasco flauwte flop klap mislukking misser nederlaag pantoffel succes (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
• in echec houden (=in bedwang houden)
Naar de spreekwoorden

5 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 Pers, eigenlijk roof, of roover; schaak, in het schaakspel; ook ongeluk, schade, nadeel, verlies; en échec houden, (krijgsk.) in bedwang houden...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. [geen meervoud] schaak; stoot, slag, schade; nederlaag; in - houden, in bedwang houden (den vijand).
  3. mislukking Jaar van herkomst: 1824 (WEI )
  4. 1) Afgang 2) Fiasco 3) Flauwte 4) Flop 5) Geen geluk 6) Hel 7) Klap 8) Mislukking 9) Mislukking van een schaker 10) Misser 11) Misslukking 12) Nederlaag 13) Pantoffel 14)...
  5. volledige mislukking; nederlaag
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
echec (mislukking)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 59% van de Nederlanders en 50% van de Vlamingen het woord `echec`.