• wie `s nachts gaat vissen moet overdag zijn netten drogen (=wie te veel heeft gedronken is de volgende dag niets waard) • uitdrogen als een Harderwijker (=alsmaar vervelender worden) • je schaapjes op het droge hebben (=de zaken op orde hebben of voldoende hebben om niet meer te hoeven werken) • je netten drogen (=uitrusten na dronkenschap) • je koetjes op het droge hebben (=genoeg (geld) hebben voor de rest van het leven) Toon alle 12 spreekwoorden die drog bevatten
2 definities op Encyclo
(verouderd) bedrieger
Drog is een Duitse jongensnaam. Het betekent `geest`.