het budget

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [ˈbʏdʒɛt]
Verbuigingen:  budget|ten (meerv.)

bedrag dat je kunt besteden
Voorbeelden:  `een budget van tien miljoen euro voor een bouwproject`,
`huishoudbudget`,
`je aankoopbudget voor een nieuwe auto`,
`het onderwijsbudget van de overheid`,
`het budget overschrijden`
persoonsgebonden budget  (geldbedrag van je ziektekostenverzekeraar waarmee je zelf je zorg en hulp regelt als je ziek bent, een handicap hebt of erg oud bent)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
begroting

16 definities op Encyclo
  1. Een in geld uitgedrukt actieplan. Meestal: actieplan voor een bedrijf voor een periode van een jaar resulterend in een begrote winst- en verliesrekening.
  2. Nadat een begroting is goedgekeurd noemen we het een budget.
  3. Onder het budget verstaan we de som geld die voor bepaalde (groepen van) uitgaven ter beschikking wordt gesteld. ( > economie)
  4. Het geld dat een speler kan gebruiken om zijn pokerspel te financieren.
  5. Een bedrag dat bestemd is voor een speciaal doel, zoals het onderhoud van sportvelden of een bibliotheek. Het wordt ook wel geoormerkt geld genoemd.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met budget:
budget-budgetneutraalbudgetsbudgettairbudgetteerbudgetteerdebudgetteerdenbudgetteertbudgettenbudgetterenbudgettering

Deze woorden eindigen op budget:
zorgbudgetziekenhuisbudget

Herkomst volgens etymologiebank.nl
budget (begroting, beschikbare middelen)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `budget` kennen.