I boreaal

bijv.naamw.
Verbuigingen:  borealer
Verbuigingen:  boreaalst

uit het boreaal, of met betrekking tot dat tijdperk


II het boreaal

zelfst.naamw.

1) noordelijk

2) eerste koele en droge tijdperk na de laatste ijstijd, in Noordwest-Europa tweede chron van het tijdvak holoceen, van 8690 tot 7270 v. Chr.


Bron: WikiWoordenboek.

9 definities op Encyclo
  • Periode in het holoceen, van 7000 v. Chr. tot 6000 v. Chr., gekenmerkt door vorming van kustmoerassen omdat de afvoer van de rivieren stagneerde door de stijgende zeespie...
  • Gebonden aan een koud klimaat.
  • Let op: Spelling van 1858 noordelijk, van boreas, de noordewind
  • Klimaatzone ten zuiden van het poolgebied en ten noorden van de subtropen. De meeste vogels in Vogels van Europa zijn boreale soorten.
  • boreaal:van noordelijke streken, gezegd van planten en dieren die in de naaldwoudzone leven.
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op boreaal:
    preboreaalsubboreaal

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    boreaal (noordelijk)