de bon ton

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [bɔ'̃tɔ̃]

wat in de mode is
Voorbeelden:  `Agressieve interviewvragen zijn bon ton onder sommige journalisten.`,
`Het was in de negentiende eeuw bon ton om lange tijd in kuuroorden te verblijven.`

© Kernerman Dictionaries.

1 definitie op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 Fr., goede toon, gedrag, spreekmanier van welopgevoede en beschaafde menschen
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
bon ton (welgemanierdheid)