de beplanting

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [bə'plɑntɪŋ]
Afbreekpatroon:  be·plan·ting
Verbuigingen:  beplantingen (meerv.)

planten die je in je tuin, op je akker enz. hebt gezet
Voorbeelden:  `beplanting met nuttige gewassen`,
`sfeervolle beplanting`


Synoniemen
aanplant   planten   poten   

2 definities op Encyclo
  • Def.: natuurlijke vastgoedobjecten in lijnvormig en-of puntvormig voorkomen Toelichting: Onder natuurlijke vastgoedobjecten wordt verstaan het gewas waarmee de grond beplant is.
  • 1) Poten 2) Bebouwing 3) Begroeiing 4) Het met gewassen bezetten 5) Aanplant 6) Gewas 7) Plantage
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op beplanting:
wegbeplanting

Taaladvies
Is dit juist: het te beplanten gebied? Zie het te beplanten gebied

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de beplanting' of 'het beplanting'?
Het is 'de beplanting', want beplanting is vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die beplanting'.
Wat is het meervoud van beplanting?
Het meervoud van beplanting is 'beplantingen'. Eén beplanting, twee beplantingen.
Wat betekent beplanting?
'planten die je in je tuin, op je akker enz. hebt gezet'
Hoe spel je beplanting?
beplanting spel je B E P L A N T I N G
Wat is een ander woord voor beplanting?
Andere woorden voor beplanting zijn aanplant, planten en poten.

Op andere websites
Zoek beplanting in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek beplanting op Google
Zoek beplanting op Woordenlijst.org
Zoek beplanting in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek beplanting op Wikipedia