de beet

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [bet]
Verbuigingen:  beten (meerv.)

1) keer dat je bijt
Voorbeeld:  `een beet uit een reep chocola`
Synoniem:  hap
beet hebben  (een vis aan je haak hebben)
beet!  (<wat je roept als je iemand of iets te pakken krijgt>) Synoniem: hebbes!

2) wond door bijten
Voorbeelden:  `de beet van een hond`,
`kwallenbeet`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
biet gepakt hap knauw

Spreekwoorden en zegswijzen
• een bitter beetje (=een klein beetje)
• alle beetjes helpen (=ook kleine dingen dragen bij aan het grote geheel)
Naar de spreekwoorden

8 definities op Encyclo
  • hap Jaar van herkomst: 1240 (Bern. )
  • Manier waarop snijtanden in onder- en bovenkaak t.o.v. elkaar staan.
  • de manier waarop de snijtanden in onder- en bovenkaak t.o.v. elkaar staan
  • Een wijn met beet is een wijn die dikte en volume heeft, die de indruk geeft dat erop gekauwd kan worden.
  • De inwerking van een zuur in een etsbad op een metalen plaat.
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met beet:
    beetgaarbeetgehadbeetgekregenbeetgenomenbeetgepaktbeethadbeethaddenbeethebbeethebbenbeethebtbeetheeftbeethoudenbeetjebeetkreegbeetkregenbeetkrijgbeetkrijgtbeetnambeetnamenbeetneem
    Toon alle woorden die beginnen met beet

    Deze woorden eindigen op beet:
    aanbeetafbeetalefbeetanalfabeetcomputeranalfabeetdiabeetdigibeetdoorbeetfrisbeetheb beetkrijg beetkwallenbeetmuggenbeetneem beetontbeetpak beetslangenbeetsuikerbeettoebeetuitbeet
    Toon alle woorden die eindigen op beet

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    1. beet (hap, het bijten)
    2. beet = biet