back-uppen

werkw.
Uitspraak:  [bɛk'ʏpə(n)]
Vervoegingen:  back-upte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geback-upt (volt.deelw.)

een reservekopie maken van een of meer computerbestanden
Voorbeeld:  `alles wordt automatisch geback-upt`

© Kernerman Dictionaries.