de appelbloesem
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | ['ɑpəlblusəm] |
| Afbreekpatroon: | ap·pel·bloe·sem |
| Verbuigingen: | appelbloesems (meerv.) |
bloesem van de appelboom | Voorbeeld: | `mooie oude boom vol in de appelbloesem` | |
3 definities op Encyclo
- Uit `De lagere vaktalen: De steenbakkerstaal` 1914 bleekroode klinkers.
- 1) Licht rozerode kleur 2) Bloemen van zekere vruchtboom 3) Bloesem van zekere vruchtboom 4) Rozerood 5) Lichtroze kleur
- De witroze bloemen van een appelboom. (Afb.: rozeknopstadium)
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de appelbloesem' of 'het appelbloesem'?
Het is 'de appelbloesem', want appelbloesem is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die appelbloesem'.
Wat is het meervoud van appelbloesem?
Het meervoud van appelbloesem is 'appelbloesems'. Eén appelbloesem, twee appelbloesems.
Wat betekent appelbloesem?
'bloesem van de appelboom'
Hoe spel je appelbloesem?
appelbloesem spel je A P P E L B L O E S E M Op andere websites
Zoek appelbloesem in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek appelbloesem op
Google
Zoek appelbloesem op
Woordenlijst.org
Zoek appelbloesem in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek appelbloesem op
Wikipedia