allrounden

werkw.
Afbreekpatroon:  all - 'roun - den
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  alroundde (verl.tijd )
Vervoegingen:  geallround (volt.deelw.)

in de schaatssport zowel korte als lange afstandswedstrijden rijden sport
Voorbeeld:  `Na jaren allrounden richt de ervaren schaatser zich nu alleen nog op de korte afstanden.`