zich afzetten tegen

reflexief werkw.
Uitspraak:  ɑfsɛtə(n) texə(n)]
Vervoegingen:  zette zich af tegen (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft zich afgezet tegen (volt.deelw.)

1) in verzet komen tegen (iets of iemand)
Voorbeeld:  `je afzetten tegen de opvattingen van je ouders`

2) je tegen iets aanduwen en in beweging komen
Voorbeeld:  `De kinderstoel schuift makkelijk weg als het kind zich afzet tegen de tafel.`

© Kernerman Dictionaries.