• van zich afbijten/afslaan (=zich fel verdedigen) • schaamte de kop afbijten (=je niet meer schamen) • geen ezel en kan zijn eigen oren afbijten. (=het onmogelijke hoef je niet te doen.) • de spits afbijten (=als eerste ergens aan beginnen aan iets moeilijks) Naar de spreekwoorden
1 definitie op Encyclo
Eén van de twee soorten vieux aan boord van marineschepen halverwege deze eeuw. Zie ook Peut. De bijnamen geven een juiste weergave van de onderhavige kwaliteit.