aanzien voor

werkw.
Uitspraak:  anzin vor]
Vervoegingen:  zag aan voor (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft aangezien voor (volt.deelw.)

denken dat iemand een bepaalde persoon is
Voorbeelden:  `de man op het dak aanzien voor een inbreker`,
`John aanzien voor Peter`
Synoniemen:  beschouwen als, houden voor

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
beschouwen als houden voor