aantikken

werkw.
Uitspraak:  ['antɪkə(n)]
Vervoegingen:  tikte aan (verl.tijd enkelv.)

1) een tik geven op (iets)
Vervoegingen:  heeft aangetikt (volt.deelw.)
Voorbeeld:  `los lood aantikken`

2) bij het eindpunt van de zwembaan tegen de wand tikken sport
Vervoegingen:  heeft aangetikt (volt.deelw.)
Voorbeeld:  `aantikken met twee handen vlak`

3) flink oplopen in de kosten
Vervoegingen:  is aangetikt (volt.deelw.)
Voorbeeld:  `Met je mobieltje bellen vanuit het buitenland kan flink aantikken.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aankloppen aanraken kloppen oplopen tikken

2 definities op Encyclo
  • •"(sport)" iemand of iets even verplicht tikken •flink oplopen (van kosten).
  • 1) Aangeven 2) Aankloppen 3) Aanraken 4) Even aanraken 5) Even toucheren 6) Finishen bij een zwemwedstrijd 7) Iemand een tik geven 8) Kloppen 9) Kort aanraken 10) Oplopen...
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    aantikken