falsificeren

werkw.
Uitspraak:  [fɑlsifi'serə(n)]
Vervoegingen:  falsificeerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gefalsificeerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) namaken met de bedoeling echt te lijken
Voorbeeld:  `een diploma falsificeren`
Synoniemen:  vervalsen, falsifiëren

2) de onjuistheid van (een wetenschappelijk inzicht) aantonen
Voorbeeld:  `door middel van experimenten een theorie falsificeren`
Synoniemen:  weerleggen, falsifiëren

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
falsifiëren kopiëren logenstraffen nabootsen namaken vervalsen

1 definitie op Encyclo
  1. 1) De onjuistheid aantonen 2) Falsifiëren 3) Kopiëren 4) Logenstraffen 5) Nabootsen 6) Namaken 7) Vervalsen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 84% van de Nederlanders en 70% van de Vlamingen het woord `falsificeren`.