I het Fries

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [fris]

taal die in de provincie Friesland wordt gesproken


II Fries

bijv.naamw.
Uitspraak:  [fris]

als iets of iemand uit de provincie Friesland komt of met Friesland te maken heeft

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
band duffel

Taaladvies
Waarom is het meervoud van kaars kaarsen, met een s, en dat van laars laarzen, met een z? Zie Kaarsen, laarzen

25 definities op Encyclo
  • ==Talen== Fries kan ook verwijzen naar een van de Friese talen: De volgende talen hebben wel `Fries` in de naam, maar zijn geen Friese taal: ==Personen== ...
  • • [m] ; een inwoner van Friesland, een lid van het Friese volk. • [taal] [n] ; taal die wordt gesproken in Friesland.
  • •verticaal vlak als rand onder het dak.
  • Let op: Spelling van 1858 frise, Fr., eene met goud of zilver bewerkte franje; het middelste gedeelte van eene hoofdlijst aan zuilen, als mede het snij- en beeldhouwwerk ...
  • [kunst] - ==Architectonische friezen== De term `fries` wordt het meest gebruikt als aanduiding voor bekaderde, uitgebreide voorstellingen op gebouwen en monumenten uit, ...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met Fries:
    Friese

    Deze woorden eindigen op Fries:
    OudfriesSaterfries

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    1. fries (bouwkundige term)
    2. fries (volksnaam)
    3. fries (wollen stof)