48 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten ` man`
- aan de man brengen/helpen (=verkopen)
- aan hetzelfde euvel mank gaan (=dezelfde fouten maken als iemand anders)
- als de nood aan de man komt (=als het ernstig wordt)
- als de wijn is in de man, is de wijsheid in de kan (=drank verdringt gezond verstand)
- als het bier is in de man dan is de wijsheid in de kan (=van dronkaards verwacht men geen verstandige woorden)
- anderhalve man en een paardenkop (=weinig aanwezigen)
- de dag met manden uitdragen (=tijd verdoen)
- de derde man brengt de spraak aan (=drie hebben gemakkelijker een gesprek dan twee)
- de gaande en komende man (=iedereen die komt opdagen)
- de juiste man op de juiste plaats zijn (=zeer geschikt zijn voor het werk)
- de kleren maken de man (=iemands kleding bepaalt het aanzien dat hij krijgt)
- de lange weg maakt een moede man (=een langdurige ziekte leidt tot uitputting)
- de liefde van een man gaat door de maag. (=je kan een man veroveren met goede kookkunst en lekker eten.)
- de man wel, maar het paard niet (=niet helemaal eerlijk zijn)
- de manchetten aandoen (=boeien aandoen)
- de mantel naar de wind hangen (=steeds de opinie van de anderen volgen)
- de rechte man op de rechte plaats (=de juiste man voor de juiste taak)
- de rotte appels uit de mand halen (=de minder getalenteerde personen wegsturen, de minder goede dingen sorteren van de goede dingen)
- door de mand vallen (=doorzien worden)
- een man als David (=een sterke kerel (David doodde de reus Goliath))
- een man een man, een woord een woord (=als je iets hebt beloofd, dan moet je je daar ook aan houden)
- een man in bonis (=een welgesteld man)
- een man van de klok zijn (=iemand die steeds precies op tijd is)
- een man zonder vrouw is als een paard zonder teugels. (=in het huwelijk hebben man en vrouw elkaar nodig)
- eén rotte appel in de mand, maakt al het gave fruit te schand (=als één persoon uit een groep zich misdraagt, wordt de hele groep erop aangekeken. / Een negatieve beïnvloeding van één persoon kan vele anderen op het slechte pad brengen.)
- een vrouw zonder man is als een vis zonder fiets (=feministische uitspraak)
- er mankeert iets in zijn bovenkamer (=hij is niet goed bij zijn verstand)
- geef een man een vis dan heeft hij die dag te eten (=je kunt iemand beter leren vissen dan heeft hij z`n leven lang vis te eten)
- geen man over boord zijn (=iets is niet zo erg, het had veel erger gekund)
- heel wat in zijn mandje hebben (=veel geleerd hebben, veel weten)
- het is een wijze man, die maat ramen kan. (=wijsheid komt van het vermogen om situaties te begrijpen en hoe daar op te reageren)
- het ligt aan de schaatsen en nooit aan de man. (=men geeft het gereedschap eerder de schuld dan zichzelf)
- ieder kwartier heeft zijn manier. (=elke streek heeft haar eigen gebruiken)
- iemand de mantel uitvegen (=iemand hevig uitfoeteren)
- iets aan de man brengen (=iets verkopen)
- iets mannetje voor mannetje doen (=iets strikt volgens plan uitvoeren)
- iets met de mantel der liefde bedekken (=iets niet met anderen bespreken maar stilzwijgen en accepteren)
- je mannetje kunnen staan (=zich goed kunnen verdedigen)
- kaart, keurs en kan, bederven menig man. (=ten onder gaan aan gokken, vrouwen en drank)
- met man en macht iets doen (=iedereen werkt hard mee)
- met man en muis (=met alles en iedereen)
- met zijn pink manoeuvreren (=iets als de beste kunnen)
- onder de mantel van (=onder de schijn van)
- op de man af (=direct, zonder omwegen)
- rozengeur en maneschijn (=totaal geluk)
- wat de vrouw graag mag, eet de man elke dag. (=mannen eten wat hun vrouw kookt, ook als het niet hun favoriete gerecht is)
- zeeman geen man (=zeemannen zijn heel vaak van huis en daarom minder als echtgenoot geschikt)
- zij hangt haar man de blauwe huik om (=zij bedriegt haar man)
67 betekenissen bevatten ` man`
- op de vingers kijken (=(Op een vervelende manier) scherp toezien hoe iemand iets doet, zodat elke fout direct opgemerkt wordt)
- geld stinkt niet (=alle manieren om aan geld te komen zijn toegestaan)
- `t Moet al een ruige hond wezen, die twee nesten warm houden kan (=alleen een rijke man kan er een tweede vrouw op na houden)
- alles malletje naar malletje doen/maken (=alles steeds weer op precies dezelfde manier doen)
- vis begint aan de kop te stinken (=als een bedrijf een slecht management heeft)
- ouderdom komt met gebreken (=als je ouder wordt ga je van alles mankeren)
- goed voorbeeld doet goed volgen (=als je zelf op de goede manier handelt, nemen anderen dat vanzelf over)
- goed voorgaan doet goed volgen (=als je zelf op de goede manier handelt, nemen anderen dat vanzelf over)
- een gegeven paard mag men niet in de bek kijken. (=als men een geschenk krijgt, dan moet men niet zoeken of er hier of daar wat aan mankeert.)
- armoede zoekt list. (=armoede dwingt om op zoek te gaan naar alternatieve manieren om rond te komen)
- ik wil hogerop, zei de jongen en hij kwam aan de galg. (=bereik je doel op een eerlijke manier)
- dat is een alikruik van een vent. (=dat is een kleine dikke man.)
- de broek aan hebben (=de baas spelen (van een vrouw over haar man), het voor het zeggen hebben)
- ketters wonen het dichtst bij de paus (=de beste vrienden van een machtig man zijn vaak zijn grootste vijanden)
- de rechte man op de rechte plaats (=de juiste man voor de juiste taak)
- de groten rijden te paard en de kleinen hangen tussen hemel en aarde. (=de machtige lui leven op kosten van de gewone man)
- de prins op het witte paard (=de man van je dromen)
- de haan is de baas als de hen niet thuis is. (=de vrouw is de baas in huis, ook al vindt de man van niet)
- je trekken thuis krijgen (=door anderen op dezelfde manier behandeld worden als je hun behandelde (bv met een streek))
- je mag wel ergens anders honger krijgen, als je thuis maar komt eten. (=een getrouwde man mag wel met knappe meisjes flirten, daar moet het bij blijven.)
- een boom van een kerel (=een grote man)
- een achterdeurtje (=een manier om iets te ontduiken)
- een nieuwe bron aanboren (=een nieuwe manier vinden om iets te krijgen)
- een oude bok lust nog wel een jong/groen blaadje (=een oude man is nog wel seksueel geïnteresseerd in een jong meisje)
- een man in bonis (=een welgesteld man)
- ieder huisje heeft een deurtje. (=er is altijd een manier om iets te bereiken)
- ieder huisje heeft zijn kruisje (=er mankeert overal wel iets)
- er zijn vele wegen die naar Rome leiden (=er zijn meerdere manieren om iets te doen)
- alle dingen hebben twee handvatten. (=er zijn vaak meerdere manieren zijn om een situatie aan te pakken)
- alle wegen leiden naar Rome (=er zijn veel manieren om je doel te bereiken / de uitkomst is altijd hetzelfde)
- arbeid is voor de dommen. (=gezegd als je liever op twijfelachtige wijze geld verdient dan op een eerlijk manier)
- er zonder kleerscheuren afkomen (=helemaal niets mankeren na een ongeluk)
- het is de toon die de muziek maakt (=het gaat om de manier waarop iets gezegd wordt)
- het dunnetjes overdoen (=het nog een keertje op dezelfde manier herdoen)
- het roer omgooien (=het op een heel andere manier proberen)
- het is goed aan hem besteed (=hij verdient het, hij zal er op de goede manier mee omgaan)
- elk ziet door zijn eigen bril (=ieder ziet het op zijn eigen manier)
- ieder bakt zijn koek zoals hij hem eten wil. (=iedereen behartigt zijn zaken, op een manier zoals hij dat zelf wil.)
- iemand te grazen nemen (=iemand een gemene streek leveren, op gemene manier er tussen nemen)
- iemand een kool stoven (=iemand op een onprettige manier ertussen nemen)
- iemand geen haarbreed in de weg leggen (=iemand op geen enkele manier ergens mee hinderen of tegenhouden)
- iemand de voet lichten (=iemand op gemene manier de baan afnemen)
- je eigen naad naaien (=iets op zijn eigen manier uitvoeren; eigenwijs zijn)
- de pil vergulden (=iets vervelends op zo vriendelijk mogelijke manier zeggen)
- een man zonder vrouw is als een paard zonder teugels. (=in het huwelijk hebben man en vrouw elkaar nodig)
- de liefde van een man gaat door de maag. (=je kan een man veroveren met goede kookkunst en lekker eten.)
- grote pronker, kale jonker. (=je voordoen als een rijk man terwijl je arm bent)
- grote pracht, weinig macht. (=je voordoen als een rijk man terwijl je arm bent)
- snotterige veulens worden de gladste paarden. (=kwajongens die nergens voor lijken te deugen, worden vaak flinke mannen)
- dieven met dieven vangen (=mensen die niet eerlijk zijn of gemeen, moet je op dezelfde manier ook behandelen)
3 dialectgezegden bevatten ` man`
- Ge kund'is on mennen tap gaon hange joeng (=Je moet niet denken dat ik dat ga doen, man) (Antwerps)
- mene joeng, lottech nie mèt zen viet rammele (=laat je niet voor de gek houden, man) (Bilzers)
- Oewest noom (=Hoe gaat het, man) (Poperings)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen