189 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `ate`
- met twee maten meten (=niet voor alles of iedereen even streng zijn)
- met twee monden praten (=jezelf tegenspreken in verschillende situaties, niet eerlijk zijn)
- naar water snakken als een vis (=hevig verlangen naar iets)
- nieuwe bezems vegen schoon, maar oude bezems kennen alle hoeken en gaten (=nieuwe medewerkers (of: nieuwe leiders) pakken de zaken grondig aan, maar oude medewerkers (of: oude leiders) weten hoe het moet op grond van ervaring)
- of men van de kat of de kater gebeten wordt (=het maakt geen verschil)
- om kaneelwater lopen (=beuzelwerk doen - van het kastje naar de muur gestuurd worden)
- onder water zijn (=afwezig zijn)
- op elkaar lijken als twee druppels water (=precies op elkaar lijken)
- over koetjes en kalfjes praten (=over allerlei onbelangrijke dingen praten)
- over land en zand praten (=over lichte onbeduidende dingen praten)
- praten als Brugman (=gemakkelijk mensen kunnen overtuigen en vlot en boeiend kunnen vertellen)
- recht praten wat krom is (=door een ingewikkelde, onjuiste redenering een onzuivere situatie, daad of besluit trachten van een rechtvaardiging te voorzien)
- ruw laten stikken (=aan zijn lot overlaten)
- spijkers op laag water zoeken (=uitermate achterdochtig zijn, onprettige opmerkingen maken over onbelangrijke zaken)
- stille waters/wateren hebben diepe gronden (=zij die weinig zeggen hebben vaak het onvoorspelbaarste karakter)
- storm in een glas water (=ophef over niets)
- te wensen overlaten (=niet geheel voldoen)
- uit alle hoeken en gaten (=van alle kanten)
- uit zijn nek praten (kletsen) (=onzin verkopen)
- uit zuivere bronnen vloeit zuiver water. (=eerlijke mensen praten geen kwaad)
- van de bok (laten) dromen (=een pak slaag (laten) krijgen)
- van God en alle mensen verlaten (=afgelegen; stil)
- van zijn veren laten (=van zijn eer kwijtraken)
- verdrinken eer men water gezien heeft (=mislukken voordat het begonnen is)
- verstek laten gaan (=niet komen opdagen)
- visserslatijn praten (=zijn prestaties overdrijven)
- voor dood achterlaten (=in de steek laten zonder hoop op herstel.)
- voor stoelen en banken praten (=maar weinigen die naar iemands verhaal luisteren)
- vuil water blust ook vuur. (=in moeilijke situaties moet je creatief en niet te kieskeurig zijn)
- wat baten kaars en bril als de uil niet zien en lezen wil (=het is vruchteloos iemand te willen voorlichten als hij dat niet wil)
- wat baten kaars of bril, als de uil niet zien en wil. (=gezegd als een koppig iemand advies of hulp negeert)
- water bij de wijn doen (=compromissen zien te sluiten)
- water en vuur zijn (=elkaar niet kunnen verdragen)
- water in de zee dragen (=iets totaal zinloos doen)
- water in je kelder hebben (staan) (=een te korte broek aanhebben)
- water naar de zee dragen (=een zinloos karwei opknappen)
- we zullen ze eens een poepie laten ruiken (=we zullen iets doen dat hen zal verbluffen (vooral toegepast in situaties waar sprake is van competitie))
- weer boven water komen (=weer tevoorschijn komen)
- zich de kaas niet van het brood laten eten (=opkomen voor iets)
201 betekenissen bevatten `ate`
- nog nat(/ niet droog) achter de oren zijn (=nog uiterst onervaren zijn, zodat men er niet over mee kan praten)
- met de noorderzon vertrekken (=onaangekondigd vertrekken en niets meer van zich laten horen)
- twee linkerhanden hebben (=onhandig zijn, werk altijd laten mislukken)
- de ogen voor iets sluiten (=oogluikend toelaten)
- een andere toon aanslaan (=op een andere manier tegen iemand gaan praten)
- met een hete aardappel in de keel praten (=op een bekakte manier praten)
- iemand doodpraten (=op iemand blijven inpraten tot hij versuft van raakt)
- in de luwte vallen (=op minder luide toon verder praten)
- elkaar vliegen afvangen (=op onbeduidende details elkaar beconcurreren dan wel duidelijk willen laten uitkomen dat men zelf gelijk heeft en de ander niet)
- over koetjes en kalfjes praten (=over allerlei onbelangrijke dingen praten)
- iets op het tapijt brengen (=over een onderwerp beginnen (te praten))
- over land en zand praten (=over lichte onbeduidende dingen praten)
- het hart op de lippen hebben (=over zijn emoties durven praten - alles zeggen wat men denkt)
- iemand onder vier ogen spreken (=praten met iemand zonder dat anderen erbij zijn)
- doen is een ding. (=praten of plannen maken is gemakkelijk gedaan, daadwerkelijk actie ondernemen is veel moeilijker)
- er de mond vol van hebben (=praten over de zaken die iemand bezighouden)
- een stuip krijgen van het lachen (=schaterlachen)
- schoon schip maken (=schulden betalen, de boel opruimen, na ruzie/problemen samen er uit komen en het verleden laten rusten)
- pappen en nathouden (=situatie min of meer ongewijzigd te laten zonder een beslissing te nemen of daadwerkelijk een probleem op te lossen)
- een kaars voor de duivel branden (=slechte daden goedpraten omdat er je er voordeel uit kan halen)
- de oude Adam afleggen. (=slechte gewoonten of gedrag achterlaten om positieve veranderingen aan te brengen.)
- een vos is niet licht met één strik te vangen. (=slimme mensen laten zich niet makkelijk foppen.)
- rad/rap van tong zijn (=snel praten / welbespraakt zijn)
- je kop houden (=stil zijn, niet praten)
- strak houden (=streng opvolgen - weinig toelaten)
- op een klein pitje zetten (=tijdelijk laten wachten, slechts langzaam laten verdergaan)
- spijkers op laag water zoeken (=uitermate achterdochtig zijn, onprettige opmerkingen maken over onbelangrijke zaken)
- iets breed uitmeten (=uitvoerig (overdreven) over iets praten)
- de mond roeren (=van zich laten horen, spreken)
- voor galg en rad opgroeien (=vanaf de jeugd een levenspad volgen dat later waarschijnlijk naar criminaliteit leidt)
- zand erover (=vergeet het maar (in de zin van : we praten er niet meer over))
- met stille trom vertrekken (=vertrekken zonder iemand het te laten weten)
- in zijn hemd laten staan (=voor schut laten staan)
- hoe later op de avond, hoe schoner volk. (=vriendelijke of juist schertsende verwelkoming van late bezoekers)
- liever vrij en geen eten dan een volle buik aan een ijzeren keten. (=vrijheid is een hoger goed dan materiële welvaart.)
- waar het hart vol van is, loopt/vloeit/stroomt de mond van over (=waar men heel erg mee bezig is, daar wil men over praten)
- als een bok op de haverkist (=wakend om de gelegenheid niet te laten voorbijgaan)
- vrienden in nood, honderd in een lood (=wanneer er zich problemen voordoen, laten vrienden je vaak in de steek)
- poppetje gezien kastje dicht (=we laten het even zien, maar daarna is het voorbij)
- wie in een glazen huis woont moet niet met stenen gooien (=wie schuldig is, moet zich niet laten opmerken)
- het achterste van je tong (niet) laten zien (=zich (niet) meteen laten kennen; (n)iets verbergen)
- niet erg vast in de schoenen staan (=zich gemakkelijk laten ompraten)
- aan de vishaak bijten (=zich laten vangen, toehappen)
- op de pit leunen (=zich laten voorzeggen (door toneelspelers))
- onder ogen komen (=zich laten zien)
- met de klompen van het ijs blijven (=zich met iets niet inlaten)
- op je stuk staan (=zich niet laten ompraten en bij de eigen mening blijven)
- een laag profiel houden (=zich niet laten opmerken)
- van de hand in de tand leven (=zo gauw iets verdiend is het meteen weer uitgeven zonder zorgen over later)
- geen spier vertrekken (=zonder enige emotie over zich heen laten gaan)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen