razen

werkw.
Uitspraak:  [ˈrazə(n)]
Vervoegingen:  raasde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geraasd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) met hoge snelheid en lawaai bewegen
Voorbeeld:  `het razende verkeer`

2) met veel lawaai laten merken dat je heel boos bent
Voorbeeld:  `razen en tieren`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
brullen bulderen fulmineren kletsen racen schreeuwen te keer gaan tekeergaan tieren woeden zoeven

Intensiveringen
Hoe kun je met razen een ander begrip versterken?
razend tempo;

4 definities op Encyclo
  1. zich snel voortbewegen en daarbij veel geluid maken vb: de auto's razen over de snelweg heel hard lawaai maken vb: zij begon woedend te razen toen hij zijn fout had opgeb...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: ow. [gelijkvloeiend] (ik raasde, heb geraasd), geweld -, leven -, rumoer maken; driftig worden; ijlhoofdig zijn; zingen (van water dat ...
  3. 1) Balderen 2) Beginnen te komen 3) Briesen 4) Brullen 5) Bulderen 6) Donderen 7) Donderjagen 8) Drukte maken 9) Duivelen 10) Duvelen 11) Foeteren 12) Fulmineren 13) Gewe...
  4. woeden Jaar van herkomst: 1250 (CG II 1 Gen.rec. )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met razen:
razendrazendsnel

Deze woorden eindigen op razen:
grazenbegrazen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
razen (woeden, bulderen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `razen`.