postkantoor, postgebouw - Voorbeeld: ‘Rik sprak schoon aan de kerel, gaf hem wat stuivers voor de vrachtkost en beval hem de brief toch wel zorg te dragen, hem niet te verliezen of te vergeten. - Zeker niet, beweerde de knecht. Als ik in stad kom draag ik hem recht naar 't posthuis’
1) Postkantoor 2) Wachthuisje voor de politie 3) Wachthuisje