• je moet de snaren niet te sterk spannen (=je moet niet al te streng zijn, niet al te veel eisen) • de Hebreeërs bouwden het, maar de Egyptenaren hebben het. (Exodus 1:11-14) (=het vuile werk door anderen opknappen en het resultaat zelf pakken) • alles op haren en snaren zetten (=alle middelen aanwenden / alles in het werk stellen) Naar de spreekwoorden